AI-muziekbedrijf Suno heeft nieuwe generatieve muziekmodellen uitgebracht in samenwerking met Warner Music Group en BMG. De modellen maken gebruik van gelicentieerde werken van deelnemende artiesten en vertegenwoordigen daarmee een andere benadering dan de eerdere periode waarin vooral discussie ontstond over het gebruik van muziek zonder duidelijke toestemming.
Volgens Reuters bestaat de nieuwe generatie onder meer uit v6, een experimentele v6-Wild en een gratis v6-mini. Daarmee wil Suno verschillende soorten gebruikers bedienen: van mensen die heel gericht een muzikale productie willen maken tot gebruikers die vooral ideeën willen verkennen.
De samenwerking is belangrijk omdat de muziekindustrie jarenlang kritisch heeft gekeken naar generatieve systemen die op bestaande muziek worden getraind. Artiesten en rechthebbenden willen weten welke werken worden gebruikt, onder welke voorwaarden dat gebeurt en hoe inkomsten worden verdeeld wanneer AI-systemen commerciële muziek genereren.
Suno had eerder al te maken met juridische geschillen over auteursrecht en heeft inmiddels afspraken gemaakt met grote muziekbedrijven. De nieuwe modellen laten zien dat de industrie zoekt naar een model waarin AI en bestaande rechtenstructuren naast elkaar kunnen bestaan.
Voor muzikanten kan generatieve AI zowel concurrentie als gereedschap zijn. Een producer kan sneller demo's, arrangementen of muzikale ideeën maken. Tegelijkertijd kan de techniek de grens tussen inspiratie, imitatie en reproductie vervagen. Juist daarom worden opt-in modellen, licenties en afspraken over inkomsten steeds belangrijker.
De ontwikkeling bij Suno is daarmee groter dan een nieuwe modelrelease. Ze laat zien dat de volgende fase van AI-muziek waarschijnlijk niet alleen draait om betere generatiekwaliteit, maar ook om de vraag wie toestemming geeft, wie profiteert en welke rol menselijke artiesten houden in een steeds meer geautomatiseerde productieketen.


